Er zit een groot nadeel aan autorijden. Als je namelijk lekker aan het autorijden bent en er goed in zit komt dit onvermijdelijke moment; je moet de auto gaan parkeren.

Beetje jammer ik weet het, maar het moet nou eenmaal gebeuren. Dat parkeren kan op allerlei manieren, afhankelijk van de situatie. Vandaag ga ik er vanuit dat je de auto in een vak moet parkeren.

Het parkeren van je auto in een vak kun je op twee manieren doen. Je kunt achteruit in een vak parkeren of vooruit. Maar welke van de twee kies je? Ze hebben allebei zo hun voordelen:

  • Als je achteruit in een vak parkeert heb je beter zicht als je weer weg rijdt.
  • Vooruit in een vak parkeren gaat sneller en is iets gemakkelijker.

Zoals gezegd ga je vandaag vooruit in een vak parkeren. Ik ga je laten zien hoe je dat aanpakt.

Vooruit in een vak parkeren

Het grote voordeel om op deze manier te parkeren is dat het wat sneller gaat. Het nadeel is wel dat je bij het wegrijden veel minder zicht hebt, omdat je er achteruit uit het vak moet rijden.

Mochten er geen auto’s vlak naast je staan, dan is het vaak niet zo’n probleem. Maar als dat wel het geval is, dan zul je merken dat het een stuk lastiger is.

In dat geval is het heel simpel, zorg dat je heel rustig naar achteren rijdt en goed om je heen blijft kijken, zodat je op tijd kunt stoppen als je een weggebruiker gaat hinderen.

Want zoals je inmiddels wel weet, veiligheid voor alles!

Maar laten we samen eens kijken hoe je vooruit in een vak parkeert.

Stap 1

Kies al ruim van tevoren het vak waar je in wilt parkeren. Dit geeft je mooi de tijd en rust om dit veilig te doen.

Kijk vervolgens in je binnenspiegel, rechter buitenspiegel en rechter dode hoek. Is het vrij? Zet dan je richtingaanwijzer aan naar rechts en zet de auto stil op zo’n twee a drie vakken voor het vak waarin je wilt parkeren.

Vooruit in een vak parkeren

Stap 2

Kijk vervolgens in je linker buitenspiegel en linker dode hoek, de auto rustig naar voren laten rollen en naar links sturen.

Stap 3

Op het moment dat je rechter buitenspiegel bijna ter hoogte van de eerste lijn is van je doelvak, ga je kijken in binnenspiegel, rechter buitenspiegel en rechter dode hoek om zeker te weten dat er geen verkeer is die je rechts inhaalt.

Vervolgens gooi je het stuur volledig om naar rechts.

Stap 4

Rijd vervolgens het vak in. Zodra je volledig in het vak staat zet je de wielen recht. Om zeker te weten of je recht staat, kijk je goed naar voren zodat je kunt zien aan (bijvoorbeeld) een stoeprand of je recht staat.

Stap 5 (wegrijden)

Je zal het niet geloven, maar ooit zul je ook weer moeten wegrijden ; -)

Belangrijk hierbij is om goed je tijd te nemen om te kijken en je snelheid niet te hoog te maken.

Begin voor je naar achteren rijdt eerst goed om je heen te kijken. Gebruik alle spiegels en kijk in alle dode hoeken. Is het vrij? Zet dan de auto in de achteruit versnelling.

Rol rustig achteruit en blijf goed om je heen kijken. Komt er verkeer aan die je gaat hinderen? Even stoppen en weer doorgaan als het vrij is.

Zodra je volledig op je eigen weghelft staat zet je het stuur weer recht. Vervolg je weg en kijk tijdens het wegrijden nog even in je binnenspiegel en linker buitenspiegel als nacontrole.

Zo! Nu kun je ook vooruit in een vak parkeren.

Heb je nog tips of vragen? Laat het hieronder weten in de reacties.